Een quickshifter is een schakelassistent waarmee je tijdens het rijden kunt opschakelen zonder de koppeling te gebruiken en zonder het gas dicht te draaien. Heel simpel en snel uitgelegd: een sensor merkt dat je de schakelpook bedient, waarna de elektronica het motorvermogen heel kort onderbreekt. Daardoor wordt de versnellingsbak ontlast en kan de volgende versnelling worden ingeschakeld. Moderne systemen kunnen vaak ook zonder koppeling terugschakelen.
Dat klinkt bijna alsof de motor zelf schakelt, maar dat is nadrukkelijk niet het geval. Je kiest nog altijd zelf de versnelling en beweegt zelf de schakelpook. Een quickshifter neemt alleen een paar handelingen weg die je normaal gesproken met je linkerhand en rechterpols uitvoert.
| Normaal schakelen | Quickshifter | |
|---|---|---|
| Opschakelen | Gas aanpassen, koppeling gebruiken | Gas kan open blijven, geen koppeling |
| Terugschakelen | Koppeling gebruiken en eventueel tussengas | Alleen automatisch bij een up/down-systeem |
| Zelf versnelling kiezen | Ja | Ja |
| Wegrijden met koppeling | Ja | Ja |
| Stoppen met koppeling | Ja | Ja |
Hoe werkt een quickshifter?
Om te begrijpen wat een quickshifter doet, moet je eerst weten waarom je bij een normale motorfiets überhaupt de koppeling en het gas gebruikt tijdens het schakelen. Zolang je accelereert, staat de aandrijflijn onder belasting. Het motorblok drijft via de versnellingsbak, ketting of cardan het achterwiel aan. Onder die belasting kun je niet zomaar probleemloos van de ene naar de andere versnelling gaan.
Normaal haal je die belasting tijdelijk weg door het gas te sluiten en de koppeling in te trekken. Een quickshifter doet dat veel sneller en elektronisch. Een sensor bij de schakelpook of het schakelmechanisme registreert dat je druk op de pook zet. De ECU reageert daarop door gedurende een fractie van een seconde het motorkoppel terug te nemen, bijvoorbeeld via de ontsteking of brandstofinspuiting.
De versnellingsbak wordt daardoor heel even ontlast. Precies in dat korte moment kun jij de volgende versnelling inschakelen. Daarna levert de motor direct weer vermogen. Kawasaki beschrijft voor zijn KQS-systeem precies dat principe, terwijl KTM bij Quickshifter+ zelfs een tweede sensor gebruikt om vast te stellen wanneer de nieuwe versnelling daadwerkelijk is ingeschakeld.
Voor de rijder gebeurt dat allemaal vrijwel ongemerkt. Je accelereert, houdt het gas open en geeft de schakelpook een duidelijke tik omhoog. In plaats van gas dicht, koppeling in, schakelen, koppeling los en weer gas geven, ga je vrijwel direct door naar de volgende versnelling.
Hoe gebruik je een quickshifter?
Bij het opschakelen is het uitgangspunt eenvoudig: je houdt het gas open en bedient de schakelpook zoals je dat normaal ook zou doen. De quickshifter merkt de schakelactie op en zorgt zelf voor de korte onderbreking van het vermogen. Kawasaki omschrijft zijn systeem zelfs expliciet als bedoeld om met geopende gashendel zonder koppeling op te schakelen.
Daar zit wel een belangrijke nuance bij, zo vertellen we uit eigen ervaring. Een quickshifter werkt doorgaans het mooist wanneer de motor daadwerkelijk trekt. Bij zeer lage toerentallen, nauwelijks geopende gasklep en rustig stadsverkeer kan een schakeling daardoor harder of bokkiger aanvoelen dan wanneer je gewoon de koppeling gebruikt.
Dat betekent niet automatisch dat er iets kapot is. Een quickshifter moet in een paar milliseconden de juiste hoeveelheid belasting uit de aandrijflijn halen en dat wordt moeilijker wanneer je vlak boven stationair toerental door de versnellingen probeert te kruipen. Moderne systemen worden op dit punt steeds beter; Kawasaki vermeldt bij zijn nieuwste KQS bijvoorbeeld specifiek dat het systeem ook bij lagere toerentallen beter moet functioneren.
Voelt de motor bij rustig rijden prettiger wanneer je gewoon koppelt, dan is er bovendien geen enkele reden om de quickshifter koste wat kost te gebruiken. De koppelingshendel blijft gewoon aanwezig.
Heb je de koppeling met een quickshifter nog nodig?
Ja. Een quickshifter automatiseert de koppeling niet en vervangt hem dus ook niet. Bij het wegrijden gebruik je de koppeling zoals bij iedere gewone handgeschakelde motor. Hetzelfde geldt wanneer je tot stilstand komt. Ook bij stapvoets rijden, manoeuvreren en andere situaties waarin je de aandrijving nauwkeurig met de koppeling doseert, verandert een quickshifter niets.
Dat is een belangrijk verschil met systemen zoals Honda E-Clutch. E-Clutch kan de koppeling daadwerkelijk voor de rijder bedienen, waardoor je ook kunt wegrijden en stoppen zonder zelf de koppelingshendel te gebruiken. Een quickshifter kan dat niet. Het systeem helpt uitsluitend tijdens het wisselen van versnelling terwijl je rijdt.
Meer over Honda’s E-clutch: Honda’s E-Clutch – kun je nog zelf koppelen? – RIDEM
Kun je met een quickshifter ook terugschakelen?
Dat hangt af van het systeem. De oorspronkelijke en eenvoudigste quickshifter helpt alleen bij opschakelen. Bij veel moderne motoren kom je echter een zogenaamde up/down-quickshifter of bidirectionele quickshifter tegen. Daarmee kun je zowel op- als terugschakelen zonder de koppeling te gebruiken.
Terugschakelen vraagt om een andere ingreep dan opschakelen. Bij accelereren kan de elektronica het motorkoppel heel kort terugnemen om de versnellingsbak te ontlasten. Wanneer je terugschakelt, moet het motortoerental juist omhoog om netjes bij de lagere versnelling te passen.
Daarvoor gebruikt een modern systeem een auto-blipper. De elektronica geeft tijdens het terugschakelen automatisch heel even gas en brengt het motortoerental naar het niveau dat bij de lagere versnelling hoort. KTM beschrijft zijn Quickshifter+ bijvoorbeeld als een systeem dat bij het terugschakelen het motortoerental afstemt op de lagere versnelling.
Het voordeel zit dan niet alleen in snelheid. Een goed werkende auto-blipper kan de overgang naar de lagere versnelling ook rustiger maken, waardoor de motor tijdens stevig afremmen stabieler blijft.
Wat is het verschil tussen een quickshifter en een blipper?
De begrippen worden nogal eens door elkaar gebruikt. In de traditionele betekenis helpt een quickshifter bij opschakelen en verzorgt een auto-blipper het benodigde tussengas bij terugschakelen.
In de praktijk noemen fabrikanten een systeem dat beide kan tegenwoordig vaak simpelweg een up/down-quickshifter. Aprilia spreekt bijvoorbeeld over zijn bidirectionele AQS, Ducati over Ducati Quick Shift Up/Down en Triumph gebruikt de naam Shift Assist voor systemen waarmee zowel op- als teruggeschakeld kan worden zonder koppeling.
Zie je bij de specificaties van een motor alleen staan dat hij een quickshifter heeft, dan is het dus verstandig om te controleren of die alleen omhoog werkt of ook omlaag. De naam alleen zegt dat niet altijd meer.
Kun je van de eerste naar de tweede versnelling quickshiften?
Bij een motor en quickshifter die daarvoor zijn ontworpen kan dat in principe. Je hoeft dus niet standaard tussen de eerste en tweede versnelling alsnog de koppeling te gebruiken.
Deze schakeling kan wel wat minder verfijnd aanvoelen dan bijvoorbeeld van vier naar vijf. Tussen de eerste en tweede versnelling zit de neutraalstand en het verschil in overbrengingsverhouding is relatief groot. Bovendien rijd je in de eerste versnelling vaak met een andere gasstand en bij een lager toerental.
Voelt de overgang van één naar twee op jouw motor hard of onnatuurlijk, gebruik dan simpelweg de koppeling en controleer de gebruiksaanwijzing van het betreffende model. De instellingen en voorwaarden waaronder een quickshifter functioneert verschillen per fabrikant en zelfs per motorfiets.
Is een quickshifter slecht voor de versnellingsbak?
Een goed afgestelde quickshifter die wordt gebruikt zoals de fabrikant voorschrijft is niet automatisch slecht voor de versnellingsbak. Het hele systeem is juist ontwikkeld om de aandrijflijn tijdens het schakelmoment heel kort te ontlasten. KTM noemt daarbij onder meer een kleinere belastingswissel op het achterwiel als voordeel van zijn systeem.
Dat betekent niet dat iedere schakeling automatisch perfect is. Een slecht afgestelde aftermarket-quickshifter, te weinig of juist te veel onderbreking van het motorvermogen en halfslachtige bediening van de schakelpook kunnen ervoor zorgen dat de schakeling hard verloopt.
Ook de rijder speelt dus een rol. Geef de pook een duidelijke schakelimpuls en probeer een onprettig aanvoelende schakeling niet door te drukken. Wanneer een quickshifter consequent hard schakelt, regelmatig een versnelling mist of voor valse neutralen zorgt, is dat geen eigenschap die je simpelweg moet accepteren. Dan verdient de afstelling of techniek aandacht.
Is een quickshifter hetzelfde als schakelen zonder koppeling?
Nee. Ook op een motor zonder quickshifter is het mogelijk om tijdens het rijden zonder koppeling op te schakelen. Een ervaren rijder kan daarvoor het gas heel kort sluiten, waardoor de aandrijflijn wordt ontlast en de volgende versnelling kan worden gekozen.
Het principe lijkt op elkaar, maar bij een quickshifter bepaalt de elektronica het moment en de duur van die onderbreking. Je hoeft het gas dus niet zelf dicht te draaien. Dat maakt de schakelactie sneller en, bij een goed afgesteld systeem, veel consistenter.
Een quickshifter is daarom niet simpelweg een apparaat dat de koppeling voor je intrekt. Sterker nog: de quickshifter bedient de koppeling helemaal niet.
Wat zijn de voordelen en nadelen van een quickshifter?
Het duidelijkste voordeel merk je tijdens accelereren. De onderbreking van de aandrijving is zeer kort, je rechterhand kan het gas open houden en je linkerhand hoeft niet telkens naar de koppeling. Vooral wanneer je stevig accelereert voelt een goede quickshifter daardoor snel en vloeiend.
Op straat draait het voordeel tegenwoordig minstens zo veel om gemak en rijplezier als om pure snelheid. Dat verklaart ook waarom de techniek niet langer alleen op superbikes wordt toegepast. Quickshifters zijn inmiddels te vinden op naked bikes, allroads, sporttoerders en lichte sportmotoren; fabrikanten als Triumph, Kawasaki en Aprilia bieden de techniek inmiddels op uiteenlopende modellen aan.
Daar staat tegenover dat niet iedere quickshifter even mooi werkt. Sommige systemen reageren bij lage toerentallen vrij hard, de afstelling verschilt sterk per motor en een aftermarket-systeem moet goed passen bij zowel de elektronica als de versnellingsbak van de betreffende motorfiets. Wie rustig rijdt, mist zonder quickshifter bovendien weinig: met een normale koppeling kun je nog altijd uitstekend en zeer soepel schakelen.
Is een quickshifter handig voor een beginnende motorrijder?
Handig kan hij zeker zijn, noodzakelijk is hij absoluut niet. Als beginnende motorrijder moet je hoe dan ook leren omgaan met de koppeling. Je hebt hem nodig bij het wegrijden, stoppen en langzaam manoeuvreren en je moet ook op een motor zonder elektronische hulpmiddelen goed kunnen schakelen.
Een quickshifter zou daarom voor ons nooit een belangrijke reden zijn om een eerste motor wel of niet te kopen. Zie hem eerder als een prettige extra. Een motor die goed bij je lengte, ervaring en gebruik past is belangrijker dan de aanwezigheid van een quickshifter.
Heb je de basis eenmaal onder de knie, dan is het systeem juist heel eenvoudig te gebruiken. Je hoeft geen speciale racetechniek te leren: bij accelereren houd je het gas open en schakel je duidelijk door, waarna de elektronica de rest regelt.
Kun je een quickshifter achteraf monteren?
Op veel motorfietsen kan dat. Sommige fabrikanten hebben de benodigde voorbereiding al in de motor zitten en verkopen een originele quickshifter als accessoire. Voor andere motoren bestaan complete aftermarket-systemen met een eigen sensor en elektronica.
Een quickshifter die alleen het opschakelen ondersteunt is technisch eenvoudiger te realiseren dan een systeem dat ook automatisch terugschakelt. Voor een auto-blipper moet de motor immers zelf het motortoerental kunnen verhogen. Bij moderne fabrieksinstallaties gebeurt dat doorgaans via elektronisch aangestuurde gaskleppen.
Controleer vóór aanschaf daarom niet alleen of een bepaald product fysiek op jouw motor past, maar ook welke functies het ondersteunt en of aanvullende programmering van de ECU nodig is. Een systeem dat perfect is afgestemd kan geweldig schakelen; een slechte combinatie kan juist een van de irritantste accessoires op een motor worden.
Quickshifter, E-Clutch of automaat: wat is het verschil?
Een quickshifter verandert uiteindelijk het minst aan de klassieke manier van motorrijden. Je bedient zelf de versnellingspook en gebruikt bij wegrijden en stoppen nog steeds de koppeling. Alleen tijdens het rijden worden bepaalde handelingen rondom het schakelen overgenomen.
Honda E-Clutch gaat verder en bedient de koppeling elektronisch, terwijl systemen als Honda DCT ook de keuze van de versnelling kunnen overnemen. Wie meer wil weten over die verschillen kan onze vergelijking van Honda E-Clutch, DCT en de quickshifter lezen.
Voor een traditionele handgeschakelde motor is de quickshifter daarmee vooral een slimme assistent. Hij schakelt niet voor je en neemt de koppeling niet over, maar zorgt precies op het juiste moment dat jij naar de volgende versnelling kunt. Dat simpele principe verklaart waarom een techniek die ooit vooral interessant was op het circuit inmiddels op steeds meer gewone straatmotoren verschijnt.
Meer hierover: Honda E Clutch vs DCT vs quickshifter: wat is het verschil?